Het Europees Referentiekader van de Raad van Europa

The Common European Framework of Reference / Cadre Européen Commun de Référence pour les langues

Bij het benoemen van het taalniveau van de cursisten hanteren de meeste taalsecties van Volksuniversiteit Amsterdam de normen die vastgelegd zijn in het Europees Referentiekader van de Raad van Europa.

In onderstaand overzicht vind je welke vaardigheden je op welk niveau beheerst volgens het Europees Referentiekader.

Luisteren / begrijpen

A1 A2 B1 B2 C1 C2
U kunt vertrouwde woorden en basiszinnen begrijpen die uzelf, uw familie en directe concrete omgeving betreffen, wanneer de mensen langzaam en duidelijk spreken. U kunt zinnen en de meest frequente woorden begrijpen die betrekking hebben op gebieden die van direct persoonlijk belang zijn (bijvoorbeeld basisinformatie over uzelf en uw familie, winkelen, plaatselijke omgeving, werk). U kunt de belangrijkste punten in korte duidelijke, eenvoudige boodschappen en aankondigingen volgen. U kunt de hoofdpunten begrijpen wanneer in duidelijk uitgesproken standaarddialect wordt gesproken over vertrouwde zaken die u regelmatig tegenkomt op uw werk, school, vrije tijd enz. U kunt de hoofdpunten van veel radio-, of tv-programma’s over actuele zaken of onderwerpen van persoonlijk of beroepsmatig belang begrijpen, wanneer er betrekkelijk langzaam en duidelijk gesproken wordt. U kunt een langer betoog en lezingen begrijpen en zelfs complexe redeneringen volgen, wanneer het onderwerp redelijk vertrouwd is. U kunt de meeste nieuws- en actualiteiten-programma’s op de tv begrijpen. U kunt het grootste deel van films in standaarddialect begrijpen. U kunt een langer betoog begrijpen, zelfs wanneer dit niet duidelijk gestructureerd is en wanneer relaties slechts impliciet zijn en niet expliciet worden aangegeven. U kunt zonder al te veel inspanning tv-programma’s en films begrijpen. U kunt moeiteloos gesproken taal begrijpen, in welke vorm dan ook, hetzij in direct contact, hetzij via radio of tv, zelfs wanneer in een snel moedertaaltempo gesproken wordt, als u tenminste tijd hebt om vertrouwd te raken met het accent.

Lezen

A1 A2 B1 B2 C1 C2
U kunt vertrouwde namen, woorden en zeer eenvoudige zinnen begrijpen, bijvoorbeeld mededelingen op posters en in catalogi. U kunt zeer korte eenvoudige teksten lezen. U kunt specifieke voorspelbare informatie vinden in eenvoudige, alledaagse teksten zoals advertenties, folders, menu’s en dienstregelingen en u kunt korte, eenvoudige, persoonlijke brieven begrijpen. U kunt teksten begrijpen die hoofdzakelijk bestaan uit hoogfrequente, alledaagse of aan uw werk gerelateerde taal. U kunt de beschrijving van gebeurtenissen, gevoelens en wensen in persoonlijke brieven begrijpen. U kunt artikelen en verslagen lezen die betrekking hebben op eigentijdse problemen, waarbij de schrijvers een bepaalde houding of standpunt innemen. U kunt eigentijds literair proza begrijpen. U kunt lange, complexe, feitelijke en literaire teksten begrijpen, en het gebruik van verschillende stijlen waarderen. U kunt gespecialiseerde artikelen en lange en technische instructies begrijpen, zelfs wanneer deze geen betrekking hebben op uw terrein. U kunt moeiteloos vrijwel alle vormen van de geschreven taal lezen, inclusief abstracte, structureel of linguïstisch complexe teksten, zoals handleidingen, specialistische artikelen en literaire werken.

Spreken

A1 A2 B1 B2 C1 C2
U kunt deelnemen aan een eenvoudig gesprek, wanneer de gesprekspartner bereid is om zaken in een langzamer spreektempo te herhalen of opnieuw te formuleren en u helpt bij het formuleren van wat u probeert te zeggen. U kunt eenvoudige vragen stellen en beantwoorden die een directe behoefte of zeer vertrouwde onderwerpen betreffen. U kunt communiceren over eenvoudige en alledaagse taken die een eenvoudige en directe uitwisseling van informatie over vertrouwde onderwerpen en activiteiten betreffen. U kunt zeer korte sociale gesprekken aan, hoewel u gewoonlijk niet voldoende begrijpt om het gesprek zelfstandig gaande te houden. U kunt de meeste situaties aan die zich kunnen voordoen tijdens een reis in een gebied waar de betreffende taal wordt gesproken. U kunt onvoorbereid deelnemen aan een gesprek over onderwerpen die vertrouwd zijn of uw persoonlijke belangstelling hebben of die betrekking hebben op het dagelijks leven (bijvoorbeeld familie, hobby’s, werk, reizen en actuele gebeurtenissen. U kunt zodanig deelnemen aan een vloeiend en spontaan gesprek, dat normale uitwisseling met ‘native speakers’ redelijk mogelijk is. U kunt binnen een vertrouwde context actief deelnemen aan een discussie en hierin uw standpunten uitleggen en ondersteunen. U kunt uzelf vloeiend en spontaan uitdrukken zonder merkbaar naar uitdrukkingen te hoeven zoeken. U kunt de taal flexibel en effectief gebruiken voor sociale en professionele doeleinden. U kunt ideeën en meningen met precisie formuleren en uw bijdrage vaardig aan die van andere sprekers relateren. U kunt zonder moeite deelnemen aan welk gesprek of discussie dan ook en bent zeer vertrouwd met idiomatische uitdrukkingen en spreektaal. U kunt uzelf vloeiend uitdrukken en de fijnere nuances precies weergeven. Als u een probleem tegenkomt, kunt u uzelf hernemen en uw betoog zo herstructureren dat andere mensen het nauwelijks merken.

Schrijven

A1 A2 B1 B2 C1 C2
U kunt een korte eenvoudige ansichtkaart schrijven, bijvoorbeeld voor het zenden van vakantiegroeten.
U kunt op formulieren persoonlijke details invullen, bijvoorbeeld uw naam, nationaliteit en adres noteren op een hotel-inschrijvings-formulier.
U kunt korte, eenvoudige notities en boodschappen opschrijven. U kunt een zeer eenvoudige persoonlijke brief schrijven, bijvoorbeeld om iemand voor iets te bedanken. U kunt een eenvoudige, samenhangende tekst schrijven over onderwerpen die vertrouwd of van persoonlijk belang zijn. U kunt persoonlijke brieven schrijven waarin u uw ervaringen en indrukken beschrijft. U kunt een duidelijke gedetailleerde tekst schrijven over een breed scala van onderwerpen die betrekking hebben op uw interesse. U kunt een opstel of verslag schrijven, informatie doorgeven of redenen aanvoeren ter ondersteuning voor of tegen een specifiek standpunt. U kunt brieven schrijven waarin u het persoonlijk belang van gebeurtenissen en ervaringen aangeeft. U kunt zich in duidelijke, goed gestructureerde tekst uitdrukken en daarbij redelijk uitgebreid standpunten uiteenzetten. U kunt in een brief, een opstel of een verslag schrijven over complexe onderwerpen en daarbij de voor u belangrijke punten benadrukken. U kunt schrijven in een stijl die is aangepast aan de lezer die u in gedachten hebt. U kunt een duidelijke en vloeiend lopende tekst in een gepaste stijl schrijven. U kunt complexe brieven, verslagen of artikelen schrijven waarin u een zaak weergeeft in een doeltreffende, logische structuur, zodat de lezer de belangrijkste punten kan opmerken en onthouden. U kunt samenvattingen van en kritieken op literaire werken schrijven